Adriaen en Peeter van Dun (+1661 en 1693) Schepenen en Burgemeester van Lier

Adriaen van Dun

°Nijlen  + Lier 26/08/1661
Schepen en Aalmoezenier van Lier
 
Adriaen van Dun werd geboren te Nijlen en huwde te Lier op 24 december 1630 met Anna Galdon, het jaar daarop werd hij poorter van Lier Hij was er bakker van beroep, en vervulde er het openbaar ambt van schepen en aalmoezenier.
Het aalmoezeniersambt was een vooraanstaand ambt en werd als een erefunctie gezien. De Aalmoezeniers waren de verantwoordelijke bestuurders van de Armenzorg en werden gekozen onder de vooraanstaande en rijke burgers van de stad. Ze werden niet bezoldigd en van hen werd verwacht dat ze ook zelf met eigen middelen een aanzienlijke bijdrage leverden voor de Armenzorg. Daarbij waren ze ook persoonlijk verantwoordelijk voor de jaarlijkse tekorten.
 Adriaen zijn echtgenote, Anna Galdon, werd geboren te Lier op 9 november 1608, als dochter van Jan Galdon en Maria Truyts. Zij overlijdt te Lier op 29 augustus 1653.
 Het echtpaar kreeg 4 kinderen:
1) Johannes van Dun – gedoopt op 23 oktober 1631, huwde met Catharina Lambrechts, kreeg op 26 juni 1659 een onwettige zoon, Joannes.
2) Peeter van Dun – gedoopt op 17 april 1634 – was schepen en burgemeester van de stad Lier;         was tevens overdeken (= toezichthouder van de stadsmagistraat) van de Handbooggilde, overlijdt op 22 augustus 1693.
 3) Anthoni van Dun – gedoopt te Lier op 31 augustus 1636.
4) Maria van Dun– gedoopt te Lier op 15 april 1642, overleden in 1703.
 In 1654 is Adriaen van Dun schepen van de stad Lier, evenals in 1655-56.
In 1683 hertrouwt hij er met Cathelijne De Backere, en hij overlijdt er op 26 augustus 1661.
 
Op de afsluitingspilaren van het koor van de H.Barbara zou zich een ereschild bevonden hebben  waarop hij tussen een 10-tal families prijkte (zie tekst hieronder*). Door allerlei veranderingen in de laatste 100 jaar is dit echter volledig verloren gegaan.

 
Zowel Adriaen  als zijn zoon Peeter van Dun zijn begraven in de Sint-Gummaruskerk van Lier, zoals blijkt uit de vermelding van de inscriptie op hun grafsteen aldaar.

 Ref.: Verzameling Graf en Gedenkschriften. Provincie Antwerpen, Arrondissement Mechelen, Lier-Parochie en Kloosterkerken. Antwerpen, drukkerij J.E.Buschmann, Rijnpoortvest, 1902.
 
Deze grafsteen, die zich vermoedelijk op het hoogkoor bevond, werd samen met alle andere aldaar een halve eeuw geleden opgeruimd door de pastoor die er niet beter op vond om die alle te vervangen door zwart-witte plaveistenen.
 
In 1654, het eerste jaar dat Adriaen van Dun schepen was, ging de stad een lening aan om op de wegen buiten de 4 poorten kasseien te laten leggen. Daarbij machtigde het Octrooi van 31 maart de Magistraat om gedurende 12 jaar een bareelrecht te heffen op deze nieuw aangelegde wegen.  De kostprijs voor de aanleg bedroeg 36 gulden de roede. De prijs voor de aanleg van onder meer de steenwegen buiten de Leuvense poort bedroeg alzo 8.500 gulden en buiten de Mechelse poort 7.950 gulden.
        (Bibliografie: “Lier Voorheen en Nu” -  A.Lens, Edicon WKW Antwerpen-
        Roeselare 1986. Drukkerij Concordia Roeselare-Rumbeke, 1986.)
 

                                                                                    Peeter van Dun

Gedoopt te Lier  17/04/1631     + Lier 22/08/1693
Schepen  en in 1682 Burgemeester van Lier, alsook Overdeken van de Handbooggilde (= toezichthouder van de stadsmagistraat).
 
Uit de verderop afgebeelde tekst blijkt dat onder zijn burgemeesterschap opdracht werd gegeven om het zilveren reliekschrijn van Sint-Gummarus te vervaardigen. Zijn naam zou hierop ook als zodanig gefungeerd hebben. Ter plaatse konden we echter geen enkele inscriptie meer opmerken.  Vermoedelijk verdwenen die bij latere bewerkingen en aanvullingen van het schrijn.  Zo kwamen er in 1784/85 nog twee zilveren engelen bij en tussen 1825 en 1898 nog 10 zilveren medailles.
 

Het reliekschrijn, ook “Sint-Gummaruskas” genoemd, werd in 1682 vervaardigd door de Antwerpse zilversmid Wierick Somers. Het  bestaat uit een houten kern met daarrond platen in gedreven zilver met taferelen uit het leven van de heilige.
Het geheel weegt 800 kg en wordt de eerste zondag na de feestdag van Sint-Gummarus (11 oktober) door 16 leden van het “Genootschap van de kasdragers van Sint-Gummarus” in de Sint-Gummarusprocessie rondgedragen.


 
Ten tijde van Adriaen en Peeter van Dun, die een groot deel van de Lierse geschiedenis in de 17de eeuw meemaakten, telde Lier hooguit 6.000 inwoners (nu ongeveer 34.000).
De bevolking groeide toen niet verder aan, te wijten zowel aan de negatieve gevolgen van de Tachtigjarige Oorlog tussen Spanje en de Verenigde Provinciën (beëindigd bij de Vrede van Munster in 1648), als aan de opeenvolgende pestepidemieën.
 
Vanaf 1636 tot 1637 woedde immers de pest in Lier gedurende zomaar liefst 10 maanden. Verslagen melden dat er op zeker ogenblik in elk huis 3 tot 4 lijken lagen!  Ook in 1665 en in 1668-1669 woedde de pest er.

Thema

Regio